February 29, 2012

Daniëlle Arets / EET

Danielle Arets ontwerpt en modereert publieke debatten en maakt wetenschappelijke en journalistieke producties over design, architectuur en openbare ruimte. Tevens is ze docent (Design for debate) en associate lector aan Design Academy Eindhoven.

Danielle studeerde cultuur-en wetenschapsstudies en psychologie (Universiteit Maastricht & Denemarken). Ze startte haar carrière als wetenschapsredacteur bij de Publieke Omroep en werkte vervolgens ruim 10 jaar als debatredacteur en moderator voor o.a. Felix Meritis (Europees Centrum voor Kunst & Wetenschap in Amsterdam) en het Utrechtse Debatcentrum TUMULT. Ze initieerde o.a. de Globaliseringreeks (ism Lemniscaat, VPRO), De Europese geheugenbank (Brugge Culturele Hoofdstad), het Volkskrant KennisCafé en de Vereniging Nederlandse Debatcentra.

Sinds 2005 werkt Daniëlle onder de naam Capada zelfstandig als debatcurator/ moderator en (onderzoeks)journalist voor een scala aan culturele, wetenschappelijke en gemeentelijke instellingen. Danielle werkt in wisselende samenstelling in een netwerk van wetenschappers, journalisten, kunstenaars en filosofen.

Daniëlle is tevens initiatiefnemer van House of Commons een nieuw platform voor kennis en cultuur in Utrecht.

Voor het werklandschap EET programmeert ze een drietal avonden: op vrijdag 30 maart, 13 april en 25 mei. Tijdens die avonden komen telkens andere thema's aan bod zoals Wat is de invloed van tijd op de kwaliteit van voedsel? Kunnen we de werkagenda over de zaai-en oogstkalender leggen? Welke biotoop treffen we aan in werklandschappen?
En hoe kunnen we die inzetten voor voedselproductie?

Op 20 mei organiseren House of Commens en Werklandschap EET samen een debat over het microklimaat van de stad.

February 29, 2012

House of Commons

Is een Utrechts platform waar kennis en cultuur duurzaam verbonden worden rondom actuele stedelijke thema’s;
HOC richt zich op het organiseren van debatten, verkennende gesprekken en dialogen met wetenschappers, kunstenaars, musici, filosofen, schrijvers, kritische denkers en creatieve geesten met als doel om van elkaar te leren, elkaar te inspireren, maar bovenal om gezamenlijk maatschappelijke thema’s kritisch te bevragen;
Bovendien wil House of Commons (HOC) een huis zijn voor de creatieve kenniswerker van de toekomst en er voor zorgen dat er creatieve en inhoudelijke kruisbestuivingen plaatsvinden die Utrecht als stad van kennis en cultuur (inter)nationaal profileert.

Meer informatie, binnenkort op www.houseofcommons.nl

March 30, 2012

Stadslandbouw moet nog een beetje rijpen

Tomaten uit eigen tuin, bladsla uit die van de buren en vlees van de koe uit de nabije omgeving; zo ziet het scenario van stadslandbouw eruit. In de stedelijke omgeving duiken steeds vaker groene daken, hangende tuinen en tomatenbermen op. Maar is er in Utrecht ruimte genoeg voor dit “nieuwe volkstuinieren” en wat winnen we er eigenlijk mee? Is het gezonder, goedkoper, lekkerder?
Die vraag stond centraal tijdens het debat op 30 maart in het werklandschap Rotsoord. Onder de titel Brokkelkaas en Jonge spruiten spraken Jan Willem van der Schans (landbouweconoom Universiteit Wageningen en initiatiefnemer van Eetbaar Rotterdam), Garmt Dijksterhuis (sensatie en perceptie expert bij Unilever) en Lars Charas (kok, fruitteler en landbouw toekomstvoorspeller) over de mogelijkheden van stadslandbouw.

NOS kopte onlangs dat de sterke groei van stadslandbouw gerelateerd zou zijn aan de crisis? Is het daadwerkelijk goedkoper eigen boontjes te doppen? Volgens landbouweconoom Jan Willen van der Schans moet de winst eerder gezocht worden in het feit dat veel kantoorgebouwen leeg staan. “Voor gemeentes is het erg gunstig die lege plekken te benutten en dat kan wat hem betreft zeker met stadslandbouw. Een kantoorgebouw biedt uitstekende omstandigheden; er heerst een constante temperatuur en de lichtinval is meestal bijzonder goed. Ik geloof zeker dat het ‘vijfde-seizoen- project van ontwerper Nienke Sybrandy over het verbouwen van groenten en fruit op de kantoorgebouwen veel kans van slagen heeft. Maar ook de stad zelf beschikt over genoeg lege plekken; bermen, groenstroken of parkeerplaatsen kunnen makkelijk ‘vergroenen’, net als de platte daken van veel huizen in de stad.”

Het grote voordeel van groenten en fruit in de stedelijke omgeving verbouwen is volgens Van der Schans dat de gewassen precies op het juiste moment geoogst kunnen worden, en niet, zoals nu een paar dagen te vroeg omdat ze nog getransporteerd moeten worden. “Door beperkte transporttijd en het feit dat we met onze neus letterlijk op de producten staan, krijgen we versere producten”, aldus Van der Schans.

De relatie tussen tijd en kwaliteit komt vaak terug deze avond. Veel verse aanplant, jonge producten krijgen vaak een hogere kwaliteitsstempel. Daarentegen geldt voor kazen en wijnen dat ze juist moeten rijpen om aan kwaliteit te winnen. Waar ligt de tijdsgrens? En proeven we eigenlijk wel het verschil?

Het forum en publiek wordt aan een smaaktekst onderworpen. Kunnen ze het verschil tussen belegen en gerijpte kaas goed achterhalen? Het blijkt lastig, niet in de laatste plaats omdat de kazen op het proefbord qua kleur misleidend zijn. De donkergele variant zou op het oog het oudste zijn, maar blijkt toch jonger dan de bleekgele kaas die van geitenmelk blijkt te zijn gemaakt.
Voor het proeven neem je de hele omgeving mee vertelt Garmt Dijksterhuis; de omgeving waarin je proeft, het gezelschap waarmee je proeft, je eigen ervaringen en verwachtingen; dat hele palet bepaalt de smaaksensatie en intensiteit. Het werklandschap Rotsoord is wat hem betreft een prima proefomgeving niet in de laatste plaats vanwege het geïnteresseerde publiek.

KWALITIJD, jonge spruiten & brokkelkaas. Uit de serie verkennende gesprekken over het Nieuwe Werklandschap Rotsoord.

Het verschil tussen de stadse biologische tomaten en de kweektomaten van de supermarkt is wel goed traceerbaar. Lars Charas experimenteert zelf met supermarkt tomaten, die nu al ruim 5 weken op de vensterbank liggen. “Ze zien er nog steeds goed uit; dat kan echt niet kloppen.”
Is de stedelijke omgeving echter wel zo gezond dan? Veel stedelijke grond is vervuild en er is nauwelijks bodemtoezicht. Boerenlandbouwgronden worden continue gecontroleerd en moeten bepaalde periodes braak liggen om aan kwaliteit te winnen. Volgens Jan Willem van der Schans moeten we daar beslist niet te kleinzielig over doen. “ Ik zou zeggen gewoon beginnen. De stadse grond is van prima kwaliteit.”
Toch geeft hij wel aan dat de boeren intensief betrokken moeten worden bij stadslandbouw. We hebben hun kennis en expertise hard nodig. Ook Charas denkt dat de stedelijke parttime boeren regelmatig van advies moeten worden voorzien. Boeren kunnen die rol zeker gaan vervullen.
Hoe voorkomen we echter dat we straks allemaal radijsjes gaan verbouwen en we nauwelijks nog spruitjes krijgen? Wie houdt het overzicht en de regie? Moeten we niet zorgen voor een ruimtelijke eetordening? Ook daarover is Van der Schans nuchter; verbouw gewoon waar je zin in hebt. De variëteit zal in eerste instantie het probleem niet zijn. We moeten ook niet verwachten dat stadslandbouw de gewone landbouw meteen gaat overnemen. Het voegt gewoon veel toe aan de stad; niet alleen goede en verse producten, maar zeker ook een belangrijke beleving. Iedereen weet dat het samen tuinieren goed is voor het wijk-en buurtcontact en een beetje wroeten in de tuin is beslist gezond voor de stressvolle stadsbewoners.” Op termijn is het overigens wel bevorderlijk dat de Nederlandse overheid zich gaat bezig houden met deze eetordening. In andere landen is dit een wezenlijk onderdeel van het ruimtelijke ordeningsbeleid.

Hoe ziet de toekomst van Utrecht er volgens het forum uit? Is de stad over tien jaar daadwerkelijk een hof van ede? Lars Charas ziet vooral kansen voor de visvangst in en om Utrecht; Nederland moet zich volgens hem veel meer op schaal en schelpdieren concentreren, want de veeteelt is onhoudbaar. Van der Schans en Dijksterhuis delen de visie dat de intensieve veeteelt in Nederland onhoudbaar is, maar zien nog niet zoveel brood in de visvangst. Wel is het forum ervan overtuigt dat we een flink groenere stad zullen gaan creëren; daktuinen, geveltuinen, balkontuinen staan nog maar in de kinderschoenen; als we de ideeën over groenbebouwing een beetje laten rijpen dan kunnen we zeker een weelderig groene en voedzame stad krijgen.

door Danielle Arets

April 13, 2012

Distinctiemiddel

Smaak wordt door sociologen vaak gezien als distinctiemiddel. Met een goede smaak kun je je dito sociale status bestendigen. De Franse filosoof Bourdieu (1930-2002) schreef hierover in La Distinction, Critique sociale du jugement (1979). Iemands (culturele) smaak is sterk gerelateerd aan de klasse waar hij of zij toe behoort. Smaak is dus niet alleen een kwestie van persoonlijke voorkeuren, maar ook sterk afhankelijk van je omgeving. “Ondanks een sterk geëgaliseerde samenleving wordt dit klassenonderscheid nog veelvuldig gebruikt als we het over smaak hebben,” aldus Michiel Korthals, hoogleraar toepaste filosofie Universiteit Wageningen. Het blijkt dat nog steeds veel mensen uit lagere sociale klassen zich slechter voeden door een gebrekkige kennis van eten. (Debat op 13 april) DA

April 13, 2012

De Leckere

“Ik zou zeggen een witbiertje”, aldus Roland Pereboom, directeur Milieucentrum Utrecht tijdens de proefsessie op 13 april. We proefden echter een bockbiertje van De Leckere, het Utrechtse biermerk dat 100% biologische bieren brouwt. DA

April 23, 2012

Kantoortomaten

Als het aan Nienke Sybrandy ligt hebben we straks op kantoor o.a. tomaten- en komkommerplanten staan. Sybrandy ontwerpt diverse eetbare groen-toepassingen op kantoor. Groot voordeel is dat hier de temperatuur en het licht constant zijn en er bovendien een heleboel extra energie (o.a. van apparaten zoals computers, faxen, printers) gratis beschikbaar is. DA

April 23, 2012

Lekker Utregs

Volgens Roland Pereboom, directeur Milieucentrum, vinden we producten lekkerder als we er nauw mee in contact staan. Het Milieucentrum initieerde 5 jaar geleden Lekker Utregs om consument en producenten/ boeren meer met elkaar in contact te brengen en producten uit de regio Utrecht te profileren. “We willen daarmee ook zorgen dat Utrechters trotser op hun streek worden; dat heeft ook zeker weer een uitwerking op de smaak”, aldus Pereboom. DA

April 23, 2012

Lady Blue

Lady Blue is een blauwschimmelkaas gemaakt van rauwe geitenmelk. Lady was een zeer karakteristieke geit en de 'leading lady' van de kudde, met een vacht in de kleuren van blauwschimmel. Reden genoeg voor de Kruidenwij (biologische geitenhouderij en kaasmakerij) om deze speciale kaas naar haar te vernoemen. Het kaasje werd als pittig, weeïg en “verrassend sterk” omschreven tijdens de proefsessie op 13 april. DA

Proefborden op 13 april 2012.

April 23, 2012

Imker

Imker of bijenhouder houdt zich bezig met het bestuiven van planten d.m.v. bijen en vervolgens het produceren van honing daarvan. Bijen hebben het echter moeilijk, ze lijden sterk onder landbouwgif, parasieten en ziektes. Vorig jaar deelde Stichting Natuur en Milieu 40.000 zakjes bijenvriendelijk bloemenzaad uit. De bloemen bloeien in de herfst, het moment waarop de bijen hun wintervoorraad aanleggen. Dat geeft bijen een betere kans om de winter te overleven. Het is overigens een misvatting dat bijen alleen op het platteland honing zouden produceren, ook in de stad kan honing van prima kwaliteit gemaakt worden (zie ook betonhoning). DA

In een afgeschermd deel van de kinderboerderij Nieuw Rotsoord houd Imker Jan van de Luijster ca. 25 bijenvolken. Naast het onderhouden van de kasten en de volken onderwijst hij ook over bijen op diverse lagere scholen in Utrecht. Om in voldoende drachtvoedsel te kunnen voorzien gaan de volken 'uit werken' naar oa de Heide. Zo heb je naast Utrechtse lindehoning ook heidehoning. NS

April 13, 2012

Bourdieu

De Franse filosoof Bourdieu (1930-2002) werd vooral bekend door zijn boek La Distinction (1979) waarin hij schreef hoe je sociale status samenhangt met je culturele kapitaal (kennis, vaardigheden, smaak). Je smaak is dus niet simpelweg gerelateerd aan je eigen persoonlijke voorkeur, maar wordt veeleer bepaald door de groep (sociale klasse) waartoe iemand behoort. (zie ook distinctiemiddel) DA

May 21, 2012

HOTSPOT Rotsoord

Op zondagmiddag 20 mei organiseerden we een broeierig gesprek over de Hotspot Rotsoord in Utrecht. Het was tevens de lancering van House of Commons, een nieuw debatplatform in Utrecht. Voorafgaand aan het debat gaf Ester van de Wiel een rondleiding langs de projecten van werklandschap EET waarbij de mogelijkheden van Urban Heat Islands leidend thema was.

Volgens prognoses van het Planbureau voor de Leefomgeving gaat Utrecht de komende 10 jaar groeien naar 400.000 inwoners. Met een groeiende bevolking stijgt ook de temperatuur in de stad. Wat heeft dat voor gevolgen voor leven, werken en wonen in Utrecht?

Stadsgeograaf Martin Dijst startte de middag met een korte uitleg over het onderzoek naar Urban Heat Islands. Stenen kunnen veel warmte opnemen en land vasthouden. Daarom kan het ’s nachts in de stad tot wel 10 graden warmer zijn dan in het omliggende platteland (Bron: KNMI). Steden hebben vaak weinig mogelijkheden die hitte kwijt te raken. Dit fenomeen heet ‘Urban Heat Islands’ (UHI). Wat betekent dit voor Utrecht? Kunnen we wellicht van de hitte gebruik maken voor het verbouwen van (tropische) gewassen in de stad? Hebben we over een paar jaar wijngaarden in Utrecht? Of kunnen we de hitte wellicht aanwenden om een creatieve hotspot of whirlpool van Rotsoord te maken? Laura Kleerkoper, onderzoeker TU Delft, o.a innovatieve ontwerp toepassingen van Urban Heat Islands en Hein Daanen, thermofysioloog aan de Vrije Universiteit Amsterdam en expert over warmte huishouding van het menselijk lichaam gingen met Martin Dijst in debat over de hoe de stad hierop kan reageren.

Ester van de Wiel, Utrecht Manifest, Werklandschap EET